dutch
Log in!

Click here to log in
New account
4 million accounts created!
JOIN our free club and learn for free now!

  • Home
  • Report a bug


  •  


    Learn Dutch > Dutch lessons and exercises > Dutch test #31602
    > Other Dutch exercises on the same topics: Frequent mistakes | Idioms [Change theme]
    > Similar tests: - Count - Geleden, verleden / vorig - Business (19)- Accountancy (4) - Likes - Doen-maken-laten - False friends - Understanding - Trying to do something
    > Double-click on words you don't understand


    Changing


     

     

    veranderen - wijzigen

    veranderen van

    veranderen in

    omwisselen - verwisselen - wisselen - ruilen

    overstappen

    vervangen - verkleden (s'habiller pour le carnaval, mettre un déguisement) omkleden (se changer)

     





    Twitter Share
    Dutch exercise "Changing" created by mariebru with The test builder
    Click here to see the current stats of this Dutch test [Save] [Load] [?]


    1. Rosa heeft haar naam in Roosje.

    2. Kunt u 100 € ?

    3. Mevrouw Peeters de zieke onderwijzer.

    4. Mijn vader van werk.

    5. Om naar Antwerpen te gaan moet je in Brussel

    6. Door de droogte was het grasveld in een dorre vlakte.

    7. In de winkel heeft zij de rode bal voor een blauwe.

    8. Hij heeft de motor van zijn auto

    9. Voor ik vertrek moet ik me nog

    10. Ze altijd van mening. (pluriel)









    End of the free exercise to learn Dutch: Changing
    A free Dutch exercise to learn Dutch.
    Other Dutch exercises on the same topics : Frequent mistakes | Idioms | All our lessons and exercises


    Share : Facebook / Google+ / Twitter / ...