dutch
Log in!

Click here to log in
New account
4 million accounts created!
JOIN our free club and learn for free now!

  • Home
  • Report a bug


  •  


    Learn Dutch > Dutch lessons and exercises > Dutch test #57656
    > Other Dutch exercises on the same topic: Jobs [Change theme]
    > Similar tests: - Jobs - Alphabet: jobs - Hairdresser's - Secretray - Jobs (2) - Shops - Lawyers - Bank clerk
    > Double-click on words you don't understand


    The teacher


    De leraar.

    Mijn naam is Karel Van Lessen.

    Ik ben leraar.

    Ik ben al vijfenveertig jaar oud.

    Ik ben getrouwd.

    Mijn vrouw is onderwijzeres.

    We wonen in Eindhoven.

     

         

    het bord

    de borden

    het bureau

    de bureaus

    het krijtje

    de krijtjes

    de spons

    de sponzen

    de lessenaar

    de lessenaars

    de klas

    de klassen

    De docent is iemand die  onderwijs geeft.
    Voor een vrouw zegt men 'docente'.

      De leraar is een synoniem van 'docent'.
    Voor een vrouw moet men 'lerares' zeggen.
     

    De onderwijzer is een leraar op een basisschool.
    Voor een vrouw zegt men 'onderwijzeres'.

     De schooldirecteur (de schooldirectrice) is het hoofd van de school.
    De leerling is een jongen die onderwijs volgt.
    Voor een meisje zegt men 'leerlinge'.
    De student, de studente is iemand die aan een universiteit of hogeschool studeert.

    De schooldirecteur, meneer Verdocent ontvangt Jans vader.

    Goedemorgen meneer.
    Goedemorgen meneer de directeur. Ik wil mijn zoon inschrijven.
    Hoe oud is hij ?
    Zes jaar.
    Het is dus voor het eerste leerjaar aan de basisschool. Wilt u dit formulier invullen ?
    Natuurlijk.
    Wat later.
    Hier is het ingevulde formulier. Moet ik iets anders doen ?
    Nee, als u wilt gaan we de school en de klas van Jan bezoeken. Zijn onderwijzeres is juffrouw Tittelboom, een heel vriendelijke dame.
    Met plezier.

    Complete. 





    Twitter Share
    Dutch exercise "The teacher" created by mariebru with The test builder. [More lessons & exercises from mariebru]
    Click here to see the current stats of this Dutch test

    Please log in to save your progress.


    Click on letters between brackets to build correct words. Click on the box to start again.

    1. De lerares schrijft op het (              ) .

    2. De onderwijzer schrijft met een (                       ) .

    3. De leerling neemt de (                 ) .

    4. Twintig leerlingen zitten in de (              ) .

    5. Ze hebben ieder een houten (                             ) .

    6. De schooldirecteur heeft een modern (                    ) .

    7. Karel Van Lessen is (                    ) .

    8. Zijn vrouw is (                                         ) .

    9. Ze wonen in (                             ) .



    10. Hoe oud is Karel ? Hij is (   

                                          ) jaar oud.











    End of the free exercise to learn Dutch: The teacher
    A free Dutch exercise to learn Dutch.
    Other Dutch exercises on the same topic : Jobs | All our lessons and exercises


    Share : Facebook / Google+ / Twitter / ...