Learn dutch 100% free
Log in!

Click here to log in
New account
4 million accounts created!
JOIN our free club and learn for free now!

  • Home
  • Report a bug


  •  


    Learn Dutch > Dutch lessons and exercises > Dutch test #60689
    > Other Dutch exercises on the same topic: Pronouns [Change theme]
    > Similar tests: - Pronouns - Indefinite pronouns - Personal pronouns - Relative pronouns - Possessive pronouns - Personal pronouns/Pronominal adverbs - Personal pronouns-stressed - Personal pronouns
    > Double-click on words you don't understand


    Personal pronouns


    Complete.





    Twitter Share
    Dutch exercise "Personal pronouns" created by mariebru with The test builder. [More lessons & exercises from mariebru]
    Click here to see the current stats of this Dutch test

    Please log in to save your progress.


    1. Hij gaat naar de huiskamer en Suske volgt .

    2. In de pauze gaat Tina naar de lerares en praat met .

    3. De meisjes keken verschrikt om. Louis stond achter .

    4. Louis ? Ze hadden niet zien aankomen.

    5. Ze probeerde wakker te worden maar de slaap hield gevangen.

    6. Peter zit aan tafel en zijn moeder zet een bord voor neer.

    7. Sonia heeft een mok koffie in haar hand en ze zet neer.

    8. Ze hield heel veel van Paul maar ze durfde het niet te zeggen.

    9. Mijn ouders ? Ik heb mijn fiets laten zien.

    10. De messen ? Laura vindt niet.









    End of the free exercise to learn Dutch: Personal pronouns
    A free Dutch exercise to learn Dutch.
    Other Dutch exercises on the same topic : Pronouns | All our lessons and exercises


    Share : Facebook / Twitter / ...